Business

Interview: Erik de Vlieger – ‘Ik ben een extremist, ik moet worden gestopt’

01-04-2013 13:25


Goede vrijdag in het jaar 2013. Erik de Vlieger (53) staat met twee afstandsbedieningen op zijn voorhoofd te luisteren naar zanger Rodriquez. De zakenman, die acht jaar lang in verband werd gebracht met een mistig afperszaakje, heeft zijn ogen gesloten en neuriet mee met de melodielijn van een krakende bluesriff.

Erik de Vlieger lijkt een bij, met die twee voelsprieten op zijn hoofd en dat hum-hum-hum. ´Man, dit is zó mooi´, zegt hij.
‘En zó waar. Dat je ellende kan omzetten in tekst die zo uit je hand vloeit.’

Rodriquez

De bluestem van Rodriquez, een dakloze zanger uit Detroit, vult nu de vol met fotokunst gehangen galerieruimte aan de Stadhouderskade in Amsterdam. De Vlieger zingt mee, zijn Engelse uitspraak verraadt dat hij in Noord-Holland is geboren en getogen.

 

Cause I lost my job two weeks before Christmas
And I talked to Jesus at the sewer

And the Pope said it was none of his God-damned business
While the rain drank champagne.’

 

De entrepreneur ontwaakt uit zijn muzikale delirium, en wijst naar een bruine bank. ‘Ga zitten.’
Zijn lange tanige lijf – hij lijkt nog peziger dan hij al was – drapeert hij op een andere bank. Hij gaat liggen, handen achter het hoofd. ‘Wat gaan we doen?’

Zijn haar dunt, maar grijs is hij allerminst. Hij draagt een hemd met vrolijke motiefjes, een spijkerbroek en hij rookt Marlboro. Erik de Vlieger is ondernemer, maar oogt als een artiest. Eerder een Dennis Hopper dan een Bill Gates.

 

devlieger4

 

Dan ineens fel: ‘Zeg, wat spreken we af? Ik zeg alles en jij schrijft het gewoon op.’
Weer stilte: ‘Zeg, we begrijpen elkaar, toch? Ik ben een open boek, maar je naait me niet.’

Kwetsbare bij

Erik de Vlieger is een bij, een gekwetste maar taaie bij. De man die ooit in het linkerrijtje van de Quote 500 stond, en vanwege zijn openhartigheid jarenlang de lieveling was van de zakenjournalistiek, zoemt weer rond in de publieke arena. Na een gevecht met justitie (‘als je me googlet dan kun je die bagger allemaal teruglezen’) vliegt hij nu rondjes langs talkshows en deelt hij steekjes uit, vaak in de vorm van staccato provocaties op Twitter.
‘Eén van mijn eerste tweets was: “Ik vergeleek bankiers met de Gestapo, maar ik had het nummer van de Gestapo niet om mijn excuus te maken.” Ik had er meteen 250 volgers erbij.’

Dat klinkt naar bitter-zoete wraakpogingen.

‘Ik heb een imperium verloren, omdat ik onterecht verdacht werd van betrokkenheid bij criminele activiteiten. Ik heb een vliegtuigmaatschappij voor 1 euro verkocht aan Arke Fly en die vliegen nu met mijn vliegtuigen. Met dank aan de Nederlandse overheid. Ik ben 35 miljoen cash kwijtgeraakt aan die transactie. Allemaal omdat ik in een cirkeltje werd geplaatst bij Endstra en Holleeder. Ik had moeten weten wat de gevolgen waren, maar ik zag het niet. Het was een grote fout om niet in te zien wat de consequenties waren van zaken doen met Endstra.’

Iedereen deed zaken met Endstra, meneer De Vlieger. Ook nette banken.

Fel: ‘Dat iedereen d’r in terecht kwam – tot en met ING en Rabo aan toe- zegt toch niet dat ík het moest doen? Wat kan mij iedereen schelen? Ik kwam erin terecht. Fout van me.’

Flashback naar januari 2005. Erik de Vlieger, succesvol ondernemer in vastgoed, vliegtuigen en magazines, wordt twee weken na kerst opgepakt omdat hij ervan wordt verdacht in 2002 betrokken te zijn geweest bij afperspraktijken. Hij zou met behulp van een Israëlische incassoman een Amsterdamse restauranthouder hebben gedwongen The Raffles, een horecazaak aan het Leidseplein, over te dragen. Na een proces van acht jaar wordt Erik de Vlieger in 2011 vrijgesproken van alle feiten. ‘Maar nog steeds ga ik wel door het leven als een ex-verdachte’, zegt hij als hij zich aan de keukentafel zet.

U bent vrijgesproken. Er was geen bewijs.

‘Man, ik heb acht jaar nagedacht, en ik kan je vertellen, die acht jaar betekenden mijn vervolgopleiding.’

Wat heeft u gedaan?

‘Niet zo veel. Ik heb veel thuis gezeten, en gewoon doorgewerkt. Ik ben een zakenman hè. En daar ben ik ook goed in. Ik ben goed in geld verdienen.’

Misschien wel iets te goed.

‘Ja, bij mij kan het het er ruig aan toe gaan, tot aan de rand van de wet.’

Dat snapt niet iedereen.

‘Nee, dat heb ik gemerkt’, grinnikt hij.

Acht jaar lang was u min of meer van de radar verdwenen.

‘Ja, en toen kwam ik terug bij 24 uur met…’

Dat was…

Hij wacht de vraag niet verder af: ‘Daar zag ik een onrustige man, ja.’

Houdt zich even in: ‘Je treft me op het goede moment. Ik geloof dat ik er nu beter over kan praten.’

Erik de Vlieger houdt ervan om zichzelf te analyseren. Waar zelfreflectie vroeger gepaard ging met bluf en schreeuwerige vergezichten is er nu  zelfspot. ‘Man, ik heb van alles gedaan. Ik dacht zelfs even dat ik kon schilderen. Kan ik niet. Ik ben gaan schrijven. Kan ik niet. Maar…’

 

devlieger1

 

Denken gaat nog prima?

´Ja´. Hij pakt zijn iPad, drukt een bril op zijn hoofd en leest voor uit eigen werk. Zijn declamerende stem echoot door het huis.

 

Denken.
Ik dacht: ik ben gek. De wereld is normaal.
Ik denk: ik ben normaal. De wereld is gek.
Ik ga denken: ik ben gek, de wereld is gek
Ik moet denken: ik ben normaal, de wereld is normaal.
Wat denkt u eigenlijk?

 

U had op  uw negentiende niet in de zaak van uw vader, maar naar de kunstacademie moeten gaan.

‘Was geen sprake van. Ik kwam van de HAVO en vier weken later was ik de baas, samen met mijn broer.’

Vindt u zakendoen eigenlijk wel leuk?

‘Ik ben er wel goed in.’

Maar vindt u het leuk?

‘Ik ben een zakenman tegen wil en dank. Als ik naar de kunstacademie was gegaan had ik iets moeten leren, maar ik wil niks leren, want ik wil het zelf leren. In zekere zin ben ik nog steeds achttien. Ik voel me een man van 18 jaar met 35 jaar ervaring.’

U leeft als een artiest. U verzamelt schitterende fotokunst, luistert in trans naar Rodriquez, leest gedichten voor…

‘Maar ik doe nog wel zaken hoor. Heb nog bedrijven, ik was vanmiddag in nog bij een zakenpartner in Nieuw Vennep. De handel is wel anders tegenwoordig.. Tegenwoordig draai ik om voor 50 euro. Het 2013 concept is: zuinig zijn en hard werken.’

En dat is misschien wel bevredigender en mooier?

Lacht: ‘Nou, het mooiste is toch met je private jet over Europa te vliegen en in de lucht beslissen waar je gaat lunchen.’

Kom op, u bent financieel onafhankelijk. U kunt doen wat u wilt. 

‘Ja, maar ik ben toch verdomde extreem hè. Ik weet hoe het moet. Die acht jaar waren een vervolgopleiding. Als Nederland me de kans geeft, dan…’

Wat zegt u nu?

‘Als Nederland me de kans geeft…’

Spreekt hier de nieuwe Fortuyn?

‘Nee, de nieuwe De Vlieger’, zegt hij fel.
‘Ooit zei iemand tegen me: “Je bent de  Richard Branson van Nederland.” Toen zei ik om te pesten: ‘Nee, Richard Branson is de Engelse Erik de Vlieger.`

Wat gaat er gebeuren?

‘Ik word gek van de politiek correcte maffia. Die zijn alleen maar bezig met het (slaat nu met zijn vingers letergrepen mee op tafel om zijn punt te maken) be-scher-men van hun ei-gen po-si-tie! Dat is slecht voor Nederland. Nu spreek ik me uit. Ik vind dat niks.’

Geef eens een voorbeeld.

‘Als het Financieele Dagblad een gesponsorde deal maakt met Aegon vind ik dat niks. Als dit financiële papieren instituut zijn oren laat hangen naar de adverteerder, dan ben je in één keer alles kwijt. Als ík dat doe, en ik probeer gluiperig in mijn doelgroep te blijven, dan hoop ik dat mijn twitteraars, mijn journalisten, mijn vrienden, mijn familie of mijn kinderen zeggen: “Papa, je wilt toch niet de doelgroep naar de mond praten voor geld?” Als ze me daarop betrappen dan zal ik dat ruiterlijk toegeven, want dat is de echte zuiverheid en die wil ik betrachten.’

‘Dat wil niet zeggen dat ik het zakelijk niet ruig speel hè. Don’t fuck with me! Als ik een deal wil maken, maak ik die deal. Als ik geld zie liggen, zie ik geld liggen. Ik zeg niet ten koste van alles, want ik wil de wet niet overtreden. Maar als er ruig zaken gedaan moet worden…’

Wijst nu naar zichzelf zoals een rapper dat doet, twee omgekeerde wijsvingers richting zijn borst: ‘Hey!.’

U bent een maatschappelijke verzetsstrijder, maar blijft ook zakenman.

‘Ik sta op de barricaden, zo ben ik. Maar weet je wat het erge is? Het probleem van een zakenman is dat de bevolking je associeert met geld. En omdat je met geld wordt geassocieerd vindt 50 procent van de bevolking je al een vuile klootzak.’

Helaas.

‘Helaas, maar dat wil ik wel gezegd hebben. En tegen die mensen (hij buigt voorover naar de microfoon van het opnameapparaat) wil ik zeggen: “Krijg de tyfus! Op je verjaardag!” Dat wil ik zeggen, ja. Krijg de pleuris. Rot op uit mijn leven met je stomme opmerkingen. “De Vlieger met je geld!” Laatst begon iemand weer. Die zei: “Je hebt een Israëliër in dienst genomen?” Man, ik had er duizend in dienst moeten nemen. Op Twitter vroeg iemand: “Zie je die Israëliër nog?” “Nee. die bouwt nederzettingen voor me in Israël”, antwoordde ik. Was ‘t gelijk klaar. Sodemieter op. Kom nou toch?’

 

devliegeropdebank

 

Het raakt u nog steeds.

‘De grootste belediging is dat Anja Jongbloed van het FNV me op Twitter vernedert met de opmerking over mijn tijd in de gevangenis. Zo laag bij de grond. Anja Jongbloed, onthoudt die naam.
Het is zo schandalig en armoedig hoe zij reageren, dat ik me wel zorgen maak over dát groepje mensen. Daar horen de hoge ambtenaren van alle departementen ook bij.’

Haalt even adem: ‘Want: de crisis is onder hun neus gebeurd. Zij hadden moeten opletten. Dat hebben ze niet gedaan, en zij zitten er nog. Die topambtenaren hadden onherroepelijk ontslagen moeten worden. Dat hebben ze niet gedaan, de ministers.’

‘Dat vind ik een fout. Daar zitten mensen die het niet goed voor hebben met Nederland. Daar zitten mensen die het goed voor hebben met hun eigen pensioen, en die beslissen zodanig dat ze geen fouten maken. Er is niets gevaarlijk aan beleidsbepalers die geen fouten durven maken, want dan kom je niet verder. dan blijf je in het slome langzame calvinistische landje hangen. Hé, en geef mij geen ruimte.’

Trekt aan zijn sigaret: ‘Ik waarschuw Nederland: geef mij niet de ruimte. Want, als jullie mij wel de ruimte geven – het zal waarschijnlijk mijn dood worden – maar als Nederland mij de ruimte geeft dan pak ik hem. D’r zitten een paar mensen in Nederland met macht die zó dom zijn, daar moeten we echt voor uitkijken. En het erge is: we weten niet goed wie dat zijn.’

Heeft u wel een blauwdruk klaarliggen?

‘Ja, ja. ik heb een unieke blauwdruk klaarliggen. Die is helemaal klaar. Dat moet je niet zien als een partijprogramma, maar ik weet precies wat ik moet doen du moment Nederland mij een opening geeft. Ik weet woordelijk, letterlijk, punt-komma, wat ik moet doen als Nederland mij de ruimte geeft. Maar éeen ding: alle hoge ambtenaren kunnen het vergeten.

‘Werknemersvereniging en werkgeversvereniging…’

Die moeten weg?

Nee, die hoeven niet weg, die moeten in elkaar overvloeien. Ze hebben elkaars vijand gekozen. Bij mij gebeurt dat niet. Ze gaan fuseren. Waarom? Omdat ik het zeg.’

Dit heet corporatisme. Mussolini en Hitler hebben dit ook geprobeerd.

Hoort opmerking niet, want steekt een nieuwe Marlboro op. ‘De dingen die ik wil moeten grondwettelijk veranderd worden. Ik wil een kiesdrempel voor partijen. Ik word gek van die kleine partijen.’

Een nieuwe partij?

‘Onder geen voorwaarde.’

Wat gaat u dan doen?

‘Dat gaat je niks aan.’

U hebt nu een podium.

‘Dat gaat je niks aan.’

Vertel toch maar…

‘Als dit wat oplevert…’

Good old Erik de Vlieger dit..

‘Nee, dit is niet good old Erik de Vlieger. Dit is Erik de Vlieger na zijn vervolgopleiding. Acht jaar geleden durfde ik dit niet te vertellen, maar ik heb nu de moed omdat ik ervan overtuigd ben.’

Klinkt tikje LPF-erig?

‘LPF? Bij die mafketels? Ik ben een macro-econoom nu en ik ben een micro-econoom. Ik ben sociaal en ik ben a-sociaal. Ik ben zuiver, althans ik vind mezelf zuiver. Neem jij eens een politicus die dat heeft. Ik heb in de boom gezeten, in de Amazone, in de hoogste boom. In het Yellow Stone park, duizend jaar oude bomen en ik ben 20 meter de grond ingegaan. Wie heeft dat? Ik! Ik heb dat meegemaakt. En ik kom daar uit. Niet als zakenman, nee ik kom daar uit als een beter mens. Hoe fijn is dat?’

Dat wordt knokken, want ze lachen u uit.

‘D’r is een heel eng circuit van institutionele grootmachten die in een old establishment-gebeuren de zaken regelen. Je grootste vijanden zijn mensen waarvan je het niet weet. Neem nou zo’n Joris Demmink (oud-topambtenaar bij Justitie), neem nou minister Donner. Die zit met zijn vrouw tv te kijken en die vrouw zegt: “Goh, wat een rare leuke man, die De Vlieger.” Dan heb hij er al de kolere op in. Die Donner vindt mij namelijk géén leuke man.’

Het is de schuld van the old boys?

Hij gaat door: ‘Die zijn directeur van een verzekeringsmaatschappij. Die zijn baas bij een aantal AEX fondsen. Die komen op dezelfde redacties. Die zitten op het FD-diner. En op dat FD-diner proberen ze elkaar allemaal in stand te houden. Net als de vakbond dat met de werkgeversorganisatie doet. Nou, en als groepen elkaar in stand willen houden, dan zijn mannen zoals ik, levensgevaarlijk. Dan word je gestopt. En het ergste is dat veel journalisten het niet hebben ingezien, maar mee gingen doen met justitie.’

Namen, bitte?

‘Max Pam, Theodor Holman, Youp van ‘t Hek, Job Cohen, modieus links. Levensgevaarlijk. Kijk wat ze gedaan hebben? Ze hebben me omver willen trekken. Ze hebben me als mens willen slopen. Ze hebben me als een crimineel willen wegzetten.’

 Overdrijft u niet?

‘Nou, zo voel ik het soms. Dat modieus linkse groepje, wat best groot is, en establishment-rechts zijn twee cirkels die elkaar raken. En die komen elkaar tegen bij NRC Handelsblad, bij het Financieele Dagblad, bij Nieuwspoort. Die raken elkaar. In columns. Bij cabaretshows, waarbij de cabaretier het natuurlijk niet mag opnemen voor zakenmannen en voor mensen met geld. Nee, die moeten ze afzeiken, want dat verwacht het publiek. Die twee groepen raken elkaar als een molecuul in een H2O-element. En ik ben een kernsplitsing. En dat weten ze. Dus buckle up. En niet alleen de riemen beneden: je moet je schouders ook opbuckelen. En dan is het de dood of de gladiolen. Voor een betere toekomst (weer handen die lettergrepen onderstrepen) voor de kin-de-ren van dit land. Het is niet goed. Ik wil het, opdat ik wil dat ie-de-reen ge-luk-kig is.’

Wie vertelt u soms dat u doordraaft?

‘Mijn meisje. Alda.’

Uw vroegere secretaresse.

‘Ja, ze heeft alles gezien. Hoe ik op kantoor was? Vrouwen die langskwamen.’

Hoe is het nu?

‘Goed. Ze behoedt me voor fouten. Mijn vriendinnetje is slim. Ze is Commisaris Rex die gekruisd is met Inspector Gadget, Sherlock Holmes en Tatort. Dit is haar positie en noboby is gonna fucking change that. Dat is mooi. Dat is dierlijk. In haar mooie dierlijkheid heeft ze gelijk. Ik wilde naar Oog in oog met Sven Kockelmann, maar zij zei: “Niet doen.” Ga ik niet.’
Lacht: ‘Ze is nu even in Amerika dus nu kan ik wel. Ik hou heel veel van mijn meisje. Ze is ook een stuk ouder dan ik.’

Hoeveel ouder?

‘Vijf jaar! Een man van mijn statuur gaat er meestal met een jonger wijf vandoor. Dat is pas mijn derde verkering. A gilf, noem ik haar. De vertaling zoek je zelf maar op.’

Rust, reinheid en regelmaat?

‘Ja, nu ik weer meer in de belangstelling sta, is er aandacht. Maar daar ga ik niet aan toegeven. Ze is ook mijn beste vriend hè. Je liegt niet tegen je beste vriend. Ik wil niet dat ze zich moet afvragen waar ik ben. Dat ik moet zeggen dat ik een zakelijke afspraak heb, maar met een lekkere vrouw lag te neuken in het huis van mijn broer. Dat is niet goed. Daar slaap ik onder een dak mee. Ik ga toch niet met iemand samenwonen waar ik tegen moet liegen. Ze is toch geen imbeciel? Doe even normaal.’

Slaat op tafel: ‘Doe! Effe! Normaal! Dat kán het geluk niet zijn.’

Dan woon je in je eigen gevangenis.

‘Dan woon je in je eigen gevangenis. Dan ben je toch geen man. Als je tegen jezelf liegt?’

Even later maken we foto’s. Op een bank in de biljartzaal vlak onder een schilderij van een vulva. ‘Daar kijk ik wel eens naar’, zegt hij droog.

Nog weer later is er een kleine alcoholische versnapering op deze dag dat we herdenken dat Jezus werd gekruizigd. Hij schenkt bier in voor de gasten en voor zichzelf whiskey met ijs. Kijkt de fotograaf en verslaggever aan. ‘Het is nu anders hè, ook in de media?’

Zegt ineens: ‘Ik hoop dat het Rob Wijnberg niet lukt met De Correspondent.’

Waarom? Het is toch fantastisch dat hij al negen ton heeft opgehaald voor goede journalistiek op internet?

‘Ik hoop dat het mislukt, want als je een echte journalist bent, ga je het eerst doen. Nee, ze moeten eerst 900 ruggen op de rekening hebben, en dan kunnen ze salaris betalen en hun mooie panden huren, en hun leaseautocontractje tekenen, omdat er 900 ruggen in de pot zit. Dat is luiwammessenjournalistiek. 15.000 mensen die geloven in een sprookje creeëren de noodzaak voor luiheid. Ze kennen geen pijn.’

Ga ik er niet in zetten. Komt rancuneus over.

‘Ik wil dat je het opschrijft, want ik zeg het. Een echte journalist. Dat is armoede! De Wereld Draait Door zou met terugwerkende kracht een boete moeten krijgen voor het propageren van De Correspondent, want het was een sterreclame! Dat is oneerlijk. Nee, eerst negen ton, zodat ze hun hypotheek kunnen betalen en ons pas dan voeden met goede journalistiek. Voed ons met goede journalistiek. Godverdomme. Er zijn onroerendgoedfondsen die geld ophalen en die worden door de AFM bestraft. Dit is precies hetzelfde. Nee, eerst negen ton en dan beginnen we. Net als Peter R. De Vries. Eerst 30 zetels in de peilingen, want dan begin ik een partij. Sodemieter op. Begin een partij.’

Raast door: ‘Ik wed erom dat deze club en haar gevolg regelmatig het terechte vingertje zal oprichten met het veroordelen van belastingomzeiling van grote boze bedrijven. Het lidmaatschap van De Correspondent gaat 60 euro kosten. Welnu, als ik normaal een nieuwsproduct koop, krijg ik een factuur met daarover de BTW. Daar heeft De Correspondent echter iets slimmers op gevonden: Word lid en omzeil daarmee dus…de BTW. Helemaal wettelijk! Alleen in ons land wordt BTW ontdoken.’

U vindt het hypocriet?

Ineens valt hij stil: ‘Heb je die documentaire over Woody Allen gezien? Daar zit een meesterlijke grap in. “Weet je wat het toppunt van hypocrisie is?”, vraagt iemand. “Een boek schrijven over atheïsme en bidden dat het goed wordt verkocht.” Dat hele diepe joodse. Man, dat is drie, vierduizend jaar geschiedenis. Dat vind ik fascinerend.’

Bent u ooit bij een psychiater geweest?

‘Ja, één keer. Twaalf minuten. Ergens in 2007. Ik kom bij die kerel binnen, ergens aan de gracht, en ik hoor overal vioolmuziek. Fucking vioolmuziek. Overal. Kom ik in die kamer, kan ik mijn jas niet ophangen, want meneer heeft geen kapstok. Mijn tweede ergernis. Vervolgens mag ik, de klant, in een stoeltje zitten, tegenover een hele grote stoel. Zijn stoel was groter dan die van mij. Ging ie mijn gegevens noteren, met zijn kromme rug naar mij toegekeerd aan zo’n bureautje. “En wat is onze naam?”, vroeg hij. Toen voelde het net alsof ik in het ziekenhuis lag en de zuster zei: “Zullen wij onze billetjes even wassen?”‘

‘Na een paar minuten ging die vent tegenover me zitten. Zwijgend. Dat was zijn openingsact om mij te laten praten. Maar ik zei natuurlijk niks. En toen híj begon te praten – “nou, meneer De Vlieger” – viel ik hem in de rede. “Zeg meneer, ik heb nog nooit zo’n onbeschaafde vlegel als u meegemaakt. Ik ga het even omdraaien: ik ga ú hulp geven. U gaat mij 120 euro per uur geven om dit vreselijke vieze kantoor, waarbij de meeuwen zo te zien al tien jaar op de ramen schijten, op te knappen. Ik ga hier eventjes les geven. Dat is een schande.”, zei ik.’

‘Ik heb mijn stoel naar achteren geschoven en gezegd: ‘We zijn uitgepraat.”

Wilt u verder praten met Erik de Vlieger. Hij twittert graag: @ewdevlieger

Foto’s: Frank Groeliken.